Handboek rechten klaren:Auteursrecht en de PSI-richtlijn

Uit Cultureel Erfgoed Standaardentoolbox
Ga naar: navigatie, zoeken

Wat is de PSI-richtlijn?

De zogenaamde PSI-richtlijn is de Europese richtlijn inzake overheidsinformatie (Public Sector Information). Deze bestaat reeds sinds november 2003, maar ze werd in juni 2013 herzien. Naar aanleiding hiervan werden in juni 2015 in Vlaanderen het decreet over het hergebruik van overheidsinformatie en het decreet over het elektronische bestuurlijke gegevensverkeer (het zogenaamde ‘e-gov decreet') aangepast. Met deze wijzigingen wil men een aantal obstakels wegwerken opdat hergebruik van overheidsinformatie op grote schaal mogelijk wordt. Bovendien wil men de overheden in Vlaanderen laten aansluiten bij de groeiende opendatabeweging in Europa.

Het Decreet tot wijziging van het decreet van 27 april 2007 betreffende het hergebruik van overheidsinformatie en het decreet van 18 juli 2008 betreffende het elektronische bestuurlijke gegevensverkeer heeft betrekking op bestuursdocumenten. Dit zijn de dragers, in welke vorm ook, van informatie waarover overheidsinstanties beschikken. Elke instantie die onder het decreet valt, dient het hergebruik van de bestuursdocumenten waarover ze beschikt toe te staan, zowel voor commerciële als niet-commerciële doeleinden, overeenkomstig de bepalingen van het decreet.

In geval van hergebruik stelt de instantie de bestuursdocumenten zoveel mogelijk via elektronische weg beschikbaar in de al bestaande formaten of talen en, voor zover mogelijk en passend, in een open en machinaal leesbaar formaat, samen met hun metagegevens. Zowel het formaat als de metagegevens voldoen voor zover mogelijk aan formele open standaarden.

Waarom zijn deze aanpassingen relevant voor de cultureel-erfgoedsector?

Onder de overheidsinstanties kunnen ook bepaalde cultureel-erfgoedinstellingen vallen, zelfs wanneer zij niet zijn opgericht bij of krachtens de Grondwet, een wet, decreet of ordonnantie. Dit is het geval wanneer zij in hun werking bepaald en gecontroleerd worden door rechtspersonen bij wie dit wel het geval is, of belast zijn met de uitoefening van een taak van algemeen belang of voor zover zij een taak van algemeen belang behartigen en beslissingen nemen die derden binden. Ook bibliotheken (met inbegrip van bibliotheken van instellingen voor hoger onderwijs), musea en archieven kunnen hierdoor dus binnen het toepassingsgebied vallen.

De bibliotheken (met inbegrip van de bibliotheken van instellingen voor hoger onderwijs), de musea en de archieven bepalen, in tegenstelling tot andere instanties, met betrekking tot hun bestuursdocumenten wel autonoom of het hergebruik van deze bestuursdocumenten is toegestaan voor zowel commerciële als niet-commerciële doeleinden en onder welke voorwaarden. Het afwijkend regime voor bibliotheken, musea en archieven betekent in de praktijk dat er geen verplichting is (vooral m.b.t. ter beschikking stellen voor commerciële doeleinden), er een hogere vergoeding dan marginale kosten kan worden aangerekend en dat exclusiviteitsovereenkomsten in het kader van digitaliseringsprojecten toegelaten zijn.

Wat is het verband tussen het auteursrecht en de PSI-richtlijn?

Het Decreet tot wijziging van het decreet van 27 april 2007 betreffende het hergebruik van overheidsinformatie en het decreet van 18 juli 2008 betreffende het elektronische bestuurlijke gegevensverkeer bepaalt dat het niet van toepassing is op bestuursdocumenten waarop een instantie niet de nodige rechten heeft om hergebruik toe te staan. Dus documenten die onder de bescherming van het auteursrecht vallen en waarvan de rechten niet zijn geklaard door de bibliotheek, het museum of archief, vallen dus niet onder de toepassing van het decreet. Dit is echter wel het geval voor documenten die niet (langer) onder de bescherming van het auteursrecht vallen of waarvan de rechten zijn geklaard voor hergebruik. Documenten waarvan de rechten enkel zijn geklaard voor niet-commercieel hergebruik door derden, moeten niet ter beschikking worden gesteld voor commercieel hergebruik.